Scouting Raalte

Op 22 februari 1857 wordt in Londen een jongen geboren. Hij groeit normaal op en gaat op z’n 13e, ook al normaal voor een jonge Engelsman, naar een kostschool tevens middelbaar onderwijsinstituut.

Wanneer die middelbare school erop zit ontstaat het gebruikelijke probleem: hoe nu verder? Hij doet examen voor de Oxford University en zakt. Er zijn echter meer mogelijkheden en een daarvan is een studie aan de Koninklijke militaire academie van Sandhurst. Hij slaagt voor het examen en begint de studie.

Na verloop van tijd, hij is nu 19 jaar, vaart hij als luitenant naar India, aids-to-scoutingwaar hij de nodige expedities meemaakt, de rimboe in. In die tijd was dat nog een kwestie van lopen en paardrijden. Zodoende zie je nog eens wat en bovendien wordt je een echte woudloper. Trouwens, wanneer je dat niet bijtijds wordt, is de kans groot, dat je niet meer terugkomt uit die rimboe.

De jonge luitenant, inmiddels kapitein geworden, kan het echter wel allemaal navertellen en doet dat dan ook. Zijn eerste boek heet: “Reconnaissance and Scouting” (Herkenning en Verkenning) en is gewoon een technische handleiding voor expedities in het oerwoud.

In Zuid Afrika ontstaan moeilijkheden en het regiment van onze Londenaar gaat er heen. Vandaar naar Zoeloe-land, dan naar de Goudkust en weer terug naar Zuid Afrika. En de woudlopers ervaring neemt toe. Een nieuw boek verschijnt: “Aids to Scouting” (Wenken voor het verkennen). Het bevat vele dingen over sluipen, bespieden, plattegronden, kompasgebruik, oriënteren op de sterren. Allemaal zaken, die je moet beheersen om een goede woudloper te kunnen zijn.

Inmiddels is de boerenoorlog begonnen. Hij is kolonel geworden en commandant van de troepen in het stadje Mafeking. Het stadje wordt door een overweldigende meerderheid belegerd, maar weet het lang vol te houden. Net zo lang, tot de belegerden ontzet worden.

Engeland heeft er in de commandant van Mafeking een held bij.

Vooral de Engelse jeugd is door het dolle heen. Op zoek naar souvenirs ontdekken ze zijn boekAids to Scouts in de boekhandel. Ze kopen de winkels leeg. Eerst is het boek alleen maar een soort trofee, maar het wordt daarna ook nog gelezen en de jonge Engelsen gaan alles, wat in het boek staat, proberen. Ze noemen zich Scouts (Verkenners) en vormen verkenningspatrouilles en gaan “verkennen”.

Overal in Engeland zijn jongens bezig
met het oprichten van de padvinderij !

Na zijn succes bij Mafeking is de kolonel generaal geworden. Terug in Engeland ontdekte hij wat er van zijn Aids to Scouting is geworden. Vrienden halen hem over om iets aan deze spontane jeugdbeweging te gaan doen en zo ontstaat het eerste experiment.

Op Brownsea eiland wordt in 1907 een kamp gehouden met “verkenners”. In de vlaggenmast hangt de historische vlag van Mafeking. En de succesvolle verdediger van Mafeking leert de jongens kamperen, bruggen bouwen en koken op kampvuur. Kortom: hij leert ze echt “verkennen”.

Scouting for boys 1 1908Het kamp wordt een groot succes. En het heeft een paar gevolgen. De generaal herschrijft Aids to Scouting in een meer speciale jongensversie. Hij noemt het “Scouting for Boys”. Het boek slaat in als een bom. Niet alleen in Engeland maar overal. Het wordt na de Bijbel het mest vertaalde en gedrukte boek ter wereld en de “verkenners-patrouilles” rijzen als paddenstoelen uit de grond.

De generaal hangt zijn uniform en verdere toekomst aan de wilgen en wijdt voortaan al zijn energie aan “Scouting”. Daarvoor (en niet voor zijn militaire successen) wordt hij in de adelstand verheven.

Scouting groeit uit tot de grootste jeugd-club ter wereld. Het is een jeugdbeweging, die als een echte jeugd-in-beweging eigenlijk zichzelf heeft opgericht.

Daarbij werden al die jonge oprichters geïnspireerd door het boekje Aids to Scouting, geschreven door:

Lord Robert Baden Powell of Gillwell

klik hier voor een kopie van Scouting for Boys (Engelstalig)
let op u opent het boek van een externe website.bp